Nieuws


Wij wensen jullie een gezond, creatief en inspirerend 2019!


Als je vragen hebt over gemeenschappelijk wonen, twijfel niet maar bel of mail ons!


Belangrijk nieuws:

De Nieuwsbrief 2018 van STUT Consult is vlak voor het einde van 2018 verstuurd naar de (leden van) woonverenigingen waarvan bij ons een e-mailadres bekend is.
De Nieuwsbrieven van STUT Consult bieden actuele informatie over diverse aspecten van financiering, fiscaliteit, regelgeving en praktijkervaring .
  • De Nieuwsbrief is bedoeld voor leden van bestaande woonverenigingen.
    De Nieuwsbrieven van STUT Consult verschijnen meestal één keer per jaar.
    Als jullie woonvereniging onze Nieuwsbrieven toegezonden wil krijgen, stuur dan een mailtje naar info@stut-consult.nl
    met de tekst: "Verzoek toezending Nieuwsbrieven STUT Consult" en vermeldt duidelijk je naam en de naam van de woonvereniging en het e-mailadres), dan sturen wij onze Nieuwsbrieven voortaan naar het daarin vermelde e-mailadres.
    Als je geen prijs meer stelt op toezending van de Nieuwsbrief meldt dit dan door een mailtje te sturen aan info@stut-consult.nl, onder vermelding van je naam, de naam van de woonvereniging, en het e-mailadres.
Banken

De Rabobank ziet op dit moment geen mogelijkheden om hypothecaire leningen te verstrekken aan nieuwe woonverenigingen !
Bij Triodosbank lijken er, binnen duidelijke grenzen, wel weer nieuwe mogelijkheden te komen, waarover later meer.
Andere Nederlandse banken bieden meestal geen mogelijkheden voor hypothecaire financieringen aan wooninitiatieven van 3 of meer personen.
  • De druk van de participatiemaatschappij zorgt voor een aanhoudende stroom van nieuwe initiatieven op het gebied van gemeenschappelijk wonen en gezamenlijk eigendom van woonruimte. Voorheen konden dergelijke initiatieven bij banken veelal via particuliere leningen worden gefinancierd. Vanwege alle regels is het op dit moment niet mogelijk om particuliere leningen te verkrijgen voor dergelijke wooninitiatieven. Waar banken ruimhartig financieringen verstrekken aan alleengaanden en stelletjes, is voor mensen die met drie of meer personen een woongemeenschap willen vormen geen particuliere woonfinanciering mogelijk.

    Een reden is dat banken hun systeem voor particuliere financieringen sterk afgestemd hebben op de bulkmarkt van alleenstaanden en stelletjes.
    De ruimte om meer dan twee poppetjes in het financieringssysteem op te voeren ontbreekt vaak in de gehanteerde IT-systemen. Aanpassing daarvan kost geld en vergt verandering van prioriteiten.
    Een andere reden is de regelgeving rond 'zorgplicht' voor de individuele woonconsument, zoals die wordt opgelegd vanuit de Wet Financieel Toezicht (Wft) en de uitwerking van de Europese regelgeving van de Mortgage Credit Directive (MCD).
    De druk van deze regels en de controle van de toezichthouders, zoals de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandse Bank (DNB), is zodanig dat banken geen ruimte lijken te vinden voor alternatieve financieringsvormen.

    Wij zijn uiteraard bezig om te proberen financieringen voor woonverenigingen en aanverwante samenwoningsconstructies toch weer op gang te krijgen, hetzij via de banken, hetzij langs andere weg.
    Dat is niet gemakkelijk, omdat financieringen voor woonprojecten liefst op langere termijn gegarandeerd moeten zijn.

    Overigens blijft het voor bestaande klanten (woonverenigingen) mogelijk om bij hun betreffende bank nieuwe hypothecaire leningen te krijgen bij ledenwisselingen, of voor onderhoud, renovatie, of energiemaatregelen.

    Door dit alles zien we dat de door de overheid beoogde participatiemaatschappij weliswaar door de politiek met de mond beleden wordt , maar tegelijk wordt tegengewerkt, doordat er op het gebied van financieringen én ruimtelijke ordening tegengestelde regels gelden, die initiatieven bij de realisering gelijk pootje haken.
    Op het vlak van de ruimtelijke ordening betreft dit de beperkingen om buiten de bebouwde kom (waar in Nederland meestal de grotere gebouwen liggen, zoals met name voormalige boerderijen) nieuwe woningen te creëren. De rechtsvorm van de woonvereniging zou daarbij een oplossing kunnen bieden, maar dan moeten gemeenten wel meewerken aan een ruimere interpretatie van het begrip 'huishouden'. Daar lijkt tot nu toe weinig schot in te zitten.
Woonverenigingen zijn in voortdurende beweging.
  • Startende woonverenigingen moeten op een gegeven moment gaan zoeken naar een manier om hun plannen te verwerkelijken. Je kunt zoeken in bestaande gebouwen met voldoende ruimte om met meerdere personen te wonen, zoals grote herenhuizen, villa's, oude pastorieën, en boerderijen. Voor degenen die lef hebben zijn er soms oude fabrieksgebouwen, of andere bedrijfsgebouwen, of kerken, die qua ligging en mogelijkheden geschikt kunnen zijn.

    Een andere ingang is het vinden van een of meer kavels om daar nieuwe gebouwen op te bouwen en naar eigen smaak te kunnen opzetten.
    Een recente beweging richt zich op tiny-houses. Vaak zijn die in te zetten op tijdelijke bouwplekken, dwz. lege plekken waar gemeenten voor een periode van 5 à 10 jaar geen duidelijke ontwikkelingsplannen hebben.  Het vereist een flexibele mind, korte bindingshorizont, maar neem het mee in je overwegingen. Een broedplaats voor dergelijke tiny-houses is Almere. Kijk ook bijv. op: http://www.bouwexpo-tinyhousing.nl/, of http://www.eco-architecten.nl en laat je fantasie gaan!

Aanslag Onroerendzaakbelasting (orzb):
  • De WOZ-waarde vormt de grondslag voor het eigenwoningforfait van de Inkomstenbelasting en voor diverse gemeentelijke belastingen. Hier kun je misschien besparen. De ervaring leert dat meer dan de helft van de ingediende WOZ-bezwaren terecht zijn. Controleer de WOZ-waarde en maak bezwaar tegen een te hoge waarde. Dat moet wel goed onderbouwd worden, bijv. aan de hand van een recent taxatierapport, of door goed te kijken naar de referentiepanden die in de WOZ-taxatie worden gebruikt. 
  • Let goed op! De termijn voor het maken van bezwaar tegen de gemeentelijke WOZ verloopt 6 weken na de aanslagdatum!
  • Tarieven van gemeentelijke belastingen en heffingen en van het Waterschap kunt u opvragen bij uw gemeente / waterschap.